Certe voor zorgverleners

Overgevoeligheid voor beta-lactam antibiotica

Overgevoeligheidsreacties komen bij gebruik van beta-lactam antibiotica (vooral benzylpenicilline en amoxicilline) bij 1-10% van de behandelde patiënten voor. Volgens Gell en Coombs zijn deze reacties in 4 typen in te delen:

Type 1: anafylaxie

IgE gemedieerde mestceldegranulatie, kan resulteren in urticaria, larynx-oedeem, bronchospasmen en shock. Deze potentieel levensbedreigende reacties treden op bij 0,01-0,04% van de behandelde patiënten.

Ernstige en fatale reacties worden minder frequent op jonge leeftijd gezien. Dodelijke afloop na orale toediening is uiterst zeldzaam.

Diagnostiek kan via huidtesten naar metabolieten (major determinant) en afbraakproducten (minor determinant) geschieden, een RAST-test is onvoldoende omdat dan uitsluitend naar de major determinant gekeken wordt. De negatief voorspellende waarde van een huidtest is vrijwel 100%.

Een type 1 anafylactische reactie is een absolute contra-indicatie voor het gebruik van penicillinen en in ieder geval eerste generatie cefalosporines. Bij het gebruik van tweede en derde generatie cefalosporines moet men alert zijn op het optreden van een reactie.

Type 2: antistof gemedieerde cytotoxische cellysis

Kan leiden tot hemolytische anemie, trombopenie en neutropenie. Treedt meestal pas op na langdurig en hoog-gedoseerd beta-lactam gebruik.

Type 3: secundair circulerende immuuncomplexen door overmaat antigeen

Dit is de meest voorkomende vorm van allergie voor beta-lactam antibiotica. Klassiek beginnen de klachten 7-14 dagen na start therapie en bestaan uit serum-ziekte-achtige reacties en waarschijnlijk ook drug fever. Kan ook voorkomen na staken beta-lactam antibiotica.

Type 4: T-cel gemedieerde reactie

Zeldzaam. Klinisch beeld contacteczeem, voornamelijk gezien bij verpleging.

In de dagelijkse praktijk kunnen ook andere huidreacties gezien worden zoals maculopapuleuze erupties, exfoliatieve dermatitis, het syndroom van Stevens-Johnson en Lyell's syndroom. De pathogenese is vaak onbekend en deze beelden kunnen niet volgens Gell en Coombs ingedeeld worden.