Certe voor zorgverleners

Switch-therapie van intraveneus naar oraal

Voorwaarden

Met inachtneming van onderstaande voorwaarden is omzetting naar orale therapie verantwoord na 2 tot 3 dagen intraveneuze therapie met antimicrobiële middelen.

  1. De patiënt moet hemodynamisch stabiel zijn (er mogen geen kenmerken van sepsis zijn, zoals hypotensie en tachycardie), zodat er goede absorptie plaatsvindt; tevens moeten de tekenen en verschijnselen van de infectie (zoals temperatuurverhoging en leukocytenaantallen) aan het verminderen zijn. In geval van koorts bij diepe neutropenie heeft intraveneuze therapie de voorkeur.
  2. De patiënt moet in staat zijn orale medicatie in te nemen of enteraal via de sonde te ontvangen; tevens mogen er geen aanwijzingen zijn voor malabsorptie; er moet rekening worden gehouden met interacties met voedsel en geneesmiddelen. De opname van chinolonen of clindamycine kan verstoord worden als deze middelen gelijktijdig met calcium of magnesiumhoudende antacida of met sucralfaat worden ingenomen; aangeraden wordt het antibioticum tenminste 2 uur eerder toe te dienen.
  3. Met het orale regime moeten ter plekke van de infectie voldoende hoge concentraties bereikt worden. Dit betekent dat orale therapie meestal onmogelijk is in geval van:
    • Meningitis, intracraniële abcessen
    • Endocarditis
    • Mediastinitis
    • Legionella-pneumonie
    • Exacerbaties van cystische fibrose
    • Bacteriëmie met Staphylococcus aureus. Ernstige weke deleninfecties, zoals groep-A-streptokokken-infecties, infecties van of met kunstmateriaal, waaronder lijnsepsis en ongedraineerde abcessen en empyeem.

De antibiotische behandeling van leverabcessen, empyeem, ostomyelitis/artritis en Pseudomonas-sepsis kan in overleg of na verbetering van infectiekenmerken na 2 weken intraveneuze therapie over worden gezet op orale medicatie.

Omzettingstabel

Antibioticum

intraveneuze dosering

orale dosering

amoxicilline

4 dd 1000 mg

4 dd 500- 750 mg

amoxicilline/clavulaanzuur

4 dd 1000/200 mg

4 dd 500/125 mg

benzylpenicilline

6 dd 1-2 ME

fenoxymethylpenicilline 4 dd 500-1000 mg

 

 

amoxicilline 4 dd 500-750 mg

ciprofloxacine

2 dd 400 mg

2 dd 500 mg

clindamycine

3 dd 600 mg

3 dd 600 mg

co-trimoxazol

2 dd 800/160 mg

2 dd 800/160 mg

erythromycine

4 dd 1000 mg

clarithromycine 2 dd 500 mg

flucloxacilline

6 dd 1000-2000 mg

clindamycine 3 dd 600 mg

 

 

flucloxacilline 4 dd 500-1000 mg

fluconazol

1 dd 200-800 mg

1 dd 200-800 mg

levofloxacine

1 dd 500 mg

1 dd 500 mg

metronidazol

1 dd 1500 mg

3 dd 500 mg

Niet genoemde intraveneuze antibiotica, bijvoorbeeld cefalosporines kunnen worden omgezet op geleide van kweek na overleg met de arts-microbioloog.