Certe voor zorgverleners

Infecties van de luchtwegen

Acute bronchitis

Acute bronchitis wordt meestal veroorzaakt door een virale infectie en antibiotische behandeling heeft daarom geen plaats in de behandeling van acute bronchitis. Overweeg eventueel een andere diagnose zoals kinkhoest (pertussis) of pneumonie (zie elders voor behandeling).

Kinkhoest

Bordetella pertussis

Behandeling na de eerste ziekteweek is alleen zinvol ter verkorting van de besmettingsduur; het heeft dan geen effect meer op de ziekteverschijnselen.

1

azitromycine

500 mg

1 dd

p.o.

3 dagen

Exacerbatie COPD / bronchiectasieën

Vaak is er sprake van bacteriële kolonisatie van de luchtwegen. Indien antibiotische therapie geïndiceerd is, start dan op geleide van een Gram-preparaat en kweek, rekening houdend met eventuele eerdere kweken.

1

amoxicilline/clavulaanzuur

500/125 mg

3 dd

p.o.

1 week

2

co-trimoxazol

960 mg

2 dd

p.o.

1 week

NHG Standaard COPD 2015:

Bij patiënten met ≥ criterium voor een ernstige exacerbatie die in de thuissituatie behandeld kunnen worden:

  • In elk geval kuur orale corticosteroïden
  • Antibiotica zijn geïndiceerd afhankelijk van FEV1 en klinische infectieverschijnselen; bij FEV1 <30% antibiotica altijd geïndiceerd

Pneumonie, community acquired; onbekende verwekker

A: niet ernstig ziek (PSI 1 en 2), ambulante behandeling

1

amoxicilline

500 mg

4 dd

p.o.

7-10 dagen

2

doxycycline

1e dag 200, daarna 100 mg

1 dd

p.o.

7-10 dagen

B: matig-ernstige pneumonie (PSI 3 en 4) met opname indicatie

Indien risicofactoren voor Legionella (recent buitenland, epidemie, falen na beta-lactam antibiotica) urine antigeen test voor Legionella verrichten en bij positieve uitslag switchen naar ciprofloxacine.


1

amoxicilline

1000 mg

4 dd

i.v.

7-10 dagen

2

cefuroxim

1500mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

C: ernstig zieke patiënt (PSI 5) met opname indicatie op zaal. Altijd urine antigeen testen voor pneumokokken en Legionella verrichten. Bij positieve sneltest voor Legionella switchen naar ciprofloxacine.

1

cefuroxim

1500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

2

moxifloxacine

400 mg

1 dd

i.v.

7-10 dagen

D: ernstig zieke patiënt met ICU indicatie. Altijd urine antigeen testen voor pneumokokken en Legionella verrichten. Bij negatieve testen empirische therapie aanpassen op geleide aanvullende diagnostiek en kliniek. Bij positieve testen empirische therapie continueren en pas de-escalatie bij klinische verbetering en/of microbiologische diagnose.

1

cefuroxim

1500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

+

ciprofloxacine

400 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

moxifloxacine

400 mg

1 dd

i.v.

7-10 dagen

E: verdenking aspiratiepneumonie of longabces

1

amoxicilline/clavulaanzuur

1000/200 mg

4 dd

i.v.

7-10 dagen (longabces: 2-6 wkn)

2

cefuroxim

1500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen (longabces 2-6 wkn)

+

metronidazol

500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen (longabces 2-6 wkn)

Pneumonie, community acquired; bekende verwekker

Streptococcus pneumoniae (pneumokokken)

1

benzylpenicilline-Na

1 ME 

6 dd

i.v.

7-10 dagen

of

benzylpenicilline-Na

6 ME 

continu/24 uur

i.v.

7-10 dagen

2

cefuroxim

1500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

Staphylococcus aureus

1

flucloxacilline

1000-2000 mg

6 dd

i.v.

14 dagen

2

cefuroxim

1500 mg

3 dd

i.v.

14 dagen

Mycoplasma pneumoniae, Chlamydia pneumoniae/psittacii

1

doxycycline

1e dag 200, daarna 100 mg

1 dd

p.o.

2 weken

2 kinderen < 8 jaar

claritromycine

8 mg/kg

2 dd

p.o.

2 weken

of volwassenen

claritromycine

500 mg

2 dd

po

2 weken

Coxiella burnetii (Q-koorts)

1

doxycycline

200 mg

1 dd

p.o.

2 weken

2

ciprofloxacine

750 mg

2 dd

p.o.

2 weken

Legionella pneumophila

1

ciprofloxacine

400 mg

3 dd

i.v.

7-10 dgn

2

ciprofloxacine

500 mg

3 dd

p.o.

7-10 dgn

Immuungecompromitteerde patiënten 3 weken

Near drowning (Pseudomonas spp.)

Houd in beloop van de ziekte rekening met pulmonale schimmelinfecties (met name Aspergillus spp en P. boydii).

1

amoxicilline/clavulaanzuur

1000/200 mg

4 dd

i.v.

op geleide van kliniek

+

ciprofloxacine

400 mg

3 dd

i.v.

op geleide van kliniek

2

ceftazidim

2000 mg

3 dd

i.v.

op geleide van kliniek

+

metronidazol

500 mg

3 dd

i.v.

op geleide van kliniek

Pneumonie, hospital acquired

Onbekende verwekker

1

piperacilline/tazobactam

4000/500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

2

cefuroxim

1500 mg

3 dd

i.v.

7-10 dagen

+

tobramycine

5 mg/kg

1 dd

i.v.

7-10 dagen

tobramycine i.v. 1 dd totdat resistentie bekend is

Ventilator Associated Pneumonia

Bij voorkeur op geleide van een Gram-preparaat en kweek in overleg met de arts-microbioloog

Pneumonie na aspiratie in het ziekenhuis

Profylactische antibiotische therapie na aspiratie is niet geïndiceerd, omdat aspiratie in veel gevallen niet tot een bacteriële pneumonie leidt. Onnodige profylaxe leidt tot selectie van resistente micro-organismen.

1

amoxicilline/clavulaanzuur

1000/200 mg

4 dd

i.v.

10 dagen

+ eventueel

tobramycine

5 mg/kg

1 dd

i.v.

10 dagen

2

clindamycine

600 mg

3 dd

p.o.

10 dagen

+ eventueel

tobramycine

5 mg/kg

1 dd

i.v.

10 dagen

Pleuraempyeem

Bij pleuraempyeem dient drainage van de thoraxholte verricht te worden. De antibioticakeuze wordt altijd in overleg met de arts-microbioloog op geleide van cito Grampreparaat en kweek vastgesteld (de uitslag van de cito bepaling is na maximaal 15 minuten bekend)

Tuberculose

De behandeling van tuberculose vindt plaats door of in overleg met longarts.

Cystic fibrosis

Behandeling van infectie bij patiënten met CF vindt plaats op geleide van kweek en in overleg met arts-microbioloog.

Pneumocystis jiroveci

1

cotrimoxazol

1920 mg

3 dd

i.v. of p.o.

2 weken (3 weken bij HIV)

2►

clindamycine

600 mg

3 dd

i.v. of p.o.

3 weken
+ primaquine 30 mg/kg 1 dd  p.o. 3 weken

Invasieve Aspergillus fumigatus

Cryptococcus neoformans